Tekst: <p>Een voormalige disco langs de Molsesteenweg in Geel, heringericht als commercieel pand, werd volledig gestript en uitgebreid met kantoren, inkom en magazijn. Dit nieuwe programma moest volledig in een extra strook passen, in een balkvormig volume dat voor de voorgevel geplaatst werd. De nieuwe voorgevel wordt opgevat als reclame, als blikvanger. Verticale houten planken op een horizontale bardage leveren een Moiré-effect op, dat de aandacht van de passant moet trekken. De raamomlijstingen bestaan uit witgelakt staal.<br>
De bestaande hal werd grondig gerenoveerd. Boven het verlaagd plafond bevonden zich nog mooie GLR-liggers, waarvan een deel vernield was in een brand. Na restauratie of vervanging werden de liggers zichtbaar gelaten. Ze vormen nu een decoratief element in de hal. </p>
Tekst: <p>Op een druk kruispunt aan de rand van Brugge, aan de Katarinapoort, werd een nieuw kantoorgebouw gerealiseerd op een verkrotte, moeilijk te ontsluiten site. De bouw verliep samen met de reorganisatie van de site in een gefaseerd plan. <br>
In een eerste fase werd het bestaande kantoorgebouw gerenoveerd en in gebruik genomen door de Vlaamse Overheid. In fase 2 werden de vervallen woningen vervangen door een nieuw kantoorgebouw, en tegelijk werd de ontsluiting van de site aangepakt. Hiervoor werd onder andere een fietspad aangelegd doorheen het binnengebied, die een rustige passagezone moet worden met groenaanleg en verharde zones voor niet-gemotoriseerd verkeer. In fase 3 worden de twee kantoorvolumes verbonden door er een balkvolume bovenop te bouwen, waardoor het complex een ‘poortkarakter’ krijgt. Het resultaat wordt een eenduidig en krachtig geheel dat een baken vormt in de omgeving.</p>
Tekst: <p>De gerenoveerde WDT-Loods is een belangrijk onderdeel van het vernieuwde Park Spoor-Noord in Antwerpen. De voormalige treinherstellingsloods bevat een stalen basisstructuur die omsloten is door een bakstenen mantel. Integraal hergebruik van het skelet uit geklonken staal (8140 m², verdeeld over zes traveeën en met een maximale overspanning van 16,70 meter) vormde het uitgangspunt voor deze duurzame herbestemming. Het volstond om de uit 1925 daterende structuur hier en daar op te knappen (versteviging van de onderflenzen, straalwerken, corrosieve en brandwerende zwarte beschildering). Het enige echte nieuwe element is een glazen binnenstraat die de verschillende functies (horeca, sport- en evenementenhallen en kantoren) met elkaar verbindt. Deze heeft een witte stalen draagstructuur die bestaat uit V-vormige kolommen en HEA260-liggers. Aan de westzijde werd ook een nieuwbouwsporthal met semitransparante dakhuid en hangende akoestische dempers in geponste staalplaat geïntegreerd. </p>
Tekst: <p>Op het plein 't Zand in Brugge werden vier bestaande toegangspaviljoenen tot de ondergrondse parking gesloopt en vervangen door drie nieuwe. Deze werken gingen samen met de installatie van enkele nieuwe liften en de reorganisatie van de voetgangers- en fietserstoegang. De nieuwe paviljoenen liggen op een brede voetgangerszone met aangrenzende horecaterrassen. <br>
De paviljoenen zijn opgevat als lichte constructies met dragende stalen portieken en beglaasde gevels. De portieken worden om de 75 centimeter geplaatst en hebben een uitkraging aan de zijde van de horeca, waardoor er een overhangende luifel en een overdekte toegang tot de paviljoenen ontstaat. <br>
Het schrijnwerk heeft ook een verticale verdeling om de 75 centimeter, volgend op de portieken. Ter hoogte van de technische zones is het glas ondoorzichtig. Voor de andere delen werden figuurglas met een oneffen oppervlak en af en toe ook gekleurd glas gebruikt. </p>
Tekst: <p>Langs de E19 ter hoogte van St-Ghislain werd aan beide zijden een nieuw Texaco-servicestation gebouwd. Het gebouw heeft de vorm van een continue 'plooi' die uit het asfalt naar boven komt. Daarom zijn de gesloten wanden uitgevoerd in uitgewassen betonpanelen met silexstenen, die het uitzicht van het wegdek in asfalt benaderen. In deze ‘plooi’ worden ‘invulmodules’ geschoven, uitgevoerd in geponst Cortenstaal. Hiervoor werd op 400m2 Cortenstaal ART Punch toegepast in de vorm van een geperforeerd bandenmotief.<br>
De ‘Plooi’ herbergt de pompeilanden en alle functies eigen aan een servicestation. Doorheen het gebouw loopt een voetgangersas, die het terrein verdeelt in een zone voor verkeer en een zone voor rust en ontspanning en waar alle publiek toegankelijke functies op aansluiten. De servicezone onderscheidt zich door een vloerpatroon, dat zich op de onderkant van de luifel herhaalt. </p>
Tekst: <p>Le nouveau siège social de STEEL s.a., société spécialisée dans la fabrication et l’installation d’armoire à comptage d’énergie est situé à Ottignies-Louvain-la-Neuve. Le bâtiment se compose d’une surface de bureaux et d’un atelier de montage et de stockage. Le bâtiment de 2 niveaux a été pensé suivant une typologie d’architecture semi-industrielle. La structure principale est entièrement préfabriquée et mixte métal/béton. Les poutres de planchers, les poutres cintrées de la toiture et les colonnes sont métalliques. Pour éviter les ponts thermiques, des éléments de connexion à coupure thermique ont été placés. L’emploi d’éléments en béton tels que des hourdis pour les planchers et des voiles béton pour la cage d’escalier de secours ont permis de créer un élément de contreventement de l’ensemble de la structure. Les façades sont réalisées en panneaux sandwichs revêtus extérieurement de bardage métallique de 2 tons différents, blanc nacré pour l’étage et gris graphite pour le rez-de-chaussée. La toiture courbe réalisée en bacs d’aluminium à joints debout a été choisie pour son intégration douce dans le terrain et son cachet industriel. </p>
Tekst: <p>In het hart van Sint-Jans-Molenbeek werd een oude industriële site omgetoverd tot een open ruimte met een park en een nieuw appartementencomplex. De basisstructuur van het nieuwe pand, dat plaats biedt aan drie sociale appartementen, bestaat uit een staalskelet met staalbetonvloeren. Het skelet (28 ton staal) is opgevat als een stapelbouw met HEB140- en IEPE270-profielen (staalklasse S 235 JO) en enkele HEB200-liggers. Het werd bekleed met brandwerende verf. Het gebouw zelf heeft een getrapte constructie met twee zijdelingse uitkragingen van telkens 1,5 meter, die worden opgevangen door summiere spantwerkingen. De aanwezigheid van deze uitkragingen en de vraag naar een structuur die de architectuur zo min mogelijk zou hinderen, maakte de keuze voor staal evident. </p>
Tekst: <p>Vlakbij de fraaie natuur van Gavere treden twee volumes van zink in een boeiende architecturale dialoog. Samen vormen ze een knappe ééngezinswoning met een eenvoudig grondplan. De fris van de lever ontworpen woning is symmetrisch opgevat en bevat een woon- en een slaapgedeelte, die mooi van elkaar gescheiden zijn door de twee sprekende volumes van zink. De twee volumes, die van buitenaf doen denken aan een onafscheidelijke tweeling, zijn opgebouwd uit stalen draagconstructie. Het gelijkvloerse niveau biedt plaats aan een aparte ruimte voor kinderen en een keuken met een bijhorende eetruimte, terwijl de leefhoek en de woonkamer zich op de eerste verdieping bevinden en uitzicht hebben op de nabije natuur. Op de verdieping vinden we ook de ouderlijke slaapkamer met dakterras terug. </p>
Tekst: <p>Situé proche de la place St-Denis, les anciens bains publics de Forest ont été rénovés et aménagés en un immeuble mixte. L’expression des façades ainsi que l’affirmation du désaxement sont autant de rappels de la période qui a vu naître le bâtiment. L'étude de stabilité a mis en évidence la nécessité d’éviter toutes surcharges sur les dalles existantes. A cette fin, l’emploi de poutrelles en acier portant de mitoyen à mitoyen a permis de suspendre le plancher du 3ème étage à la nouvelle structure de la toiture. Les tirants qui suspendent le 2ème étage s’affichent dans la cage d’escalier. Ce dispositif permet de libérer les deux plateaux inférieurs. Les descentes de charges s’effectuant latéralement, aucun point d’appuis central n’est nécessaire. La structure supportant les châssis a été étudiée afin d’être la plus mince et la plus discrète possible pour laisser place à la lumière. Ainsi, deux poutrelles métalliques transversales placées à hauteur des niveaux supportent les châssis. La colonne verticale quant à elle a été affinée au maximum et se place à l’arrière d’un montant. Cette colonne recomposée est le résultat de l’assemblage de plats métalliques et d’une section pleine.</p>